Texel 2 (vervolg)

Rubrieken:

24

25

27

28

30

31

32

33

29

Tekstvak:

26

 © a platvoet

Tekstvak:
Tekstvak:

26

10.1: Nan Platvoet, zoon van Nan Platvoet (2.1), geboren in 1936 in Schellingwoude, huwt met Ita Verwey. Uit dit huwelijk:

1 Marlise, Marlies of Lies, geboren in 1964.
Marlies volgde aan de grafische school te Amsterdam een opleiding tot grafisch werktekenaar. als vormgever werkte zij bij een reclamebureau, een drukkerij en in de standbouw. sinds eind 2002 is ze werkzaam als zelfstandige.
Lies ontwikkelde in de loop der jaren een eigen stijl, mede dankzij het volgen van diverse teken- en schilderlessen bij kunstenaars in het Gooi en omstreken, tevens de plaats waar de meeste van haar exposities hebben plaatsgevonden.
De laatste drie jaar houdt zij zich vooral bezig met de ontwikkeling van - al dan niet dynamische gestuurde - websites, zo veel mogelijk gecombineerd met flash- of fotoshop animaties, vaak in
de stijl van de korte tekenfilms.

Van een andere tak op Texel is het volgende bekend:
1: Jacob Cornelisz Platvoet, afkomstig uit het Schild, schipper op 's landsschuijt.
Op de Huijdecoperslijst van 1742 (personele quotisatie) wordt hij genoemd bij Oudeschild. Het gezin bestaat op dat moment uit 6 personen.
Jacob is getrouwd Den Burg 19 januari 1716 met Aaltje Jans, afkomstig uit Den Burg.
Uit dit huwelijk o.a.:
1 Marritje (Maartje) Jacobs Platvoet, gedoopt Den Burg 26 december 1717 (doopgetuige was Lijsbet Jans), overleden Den Hoorn 23 november 1767, 49 jaar oud. Getrouwd Den Hoorn 03.01.1741 met Barend Willemsz Blom, geboren 1707/1715, loods (1745).
2 Anna(atje) Jacobs Platvoet.  Anna was tante en doopgetuige van Aaltje Barends Blom, dochter van Barend Willemsz Blom en Marritje Platvoet, gedoopt Oudeschild 20januari 1754.

9.1: Nan Gerrit Platvoet, zoon van Gerrit Arie Platvoet (8.3), geboren in 1909 op Texel. Nan krijgt zijn voornaam van zijn grootvader Nan Schelinger. Nan verhuist met zijn ouders op 13 januariop 4 jarige leeftijd naar Schellingwoude, nabij Amsterdam, waar zijn vader werk vindt in de Amsterdamse haven.
Nan houdt van tekenen en verzamelt allerlei dingen, die hij in de buurt vindt. Hij sorteert zijn vondsten en stalt ze uit op een plankje. Op het hout dat hij uit oude theekisten zaagt, die zijn vader uit de havens mee naar huis neemt, maakt Nan zijn eerste schilderwerk. Hij verloot zijn 'schilderijen' in de buurt: met tien lootjes
van vijfentwintig cent voor één schilderijtje verdient hij tweeënhalve gulden. Het ouderlijke gezin heeft het niet breed en hangt socialistische ideeën aan. Thuis leest men Het Volk, het dagblad van de arbeiderspartij en de tekeningen in De Notekraker die zaterdags als bijlage bij de krant zit, zijn populair bij de familie Platvoet.
Begin jaren twintig wordt Nan lid van de JVO, de Jeugdbond voor Onthouding. Religie speelt in het gezin nauwelijks een rol. In de crisisjaren, als Nan veertien is, begint zijn loopbaan als leerling-zetter bij de uitgeverij De Vooruitgang, die onder anderen de krant Het Volk drukt en
leert in deze jaren de socialistische tekenaars Albert Hahn en Piet van der Helm kennen, die illustraties maken voor de Notekraker. Terwijl hij een opleiding volgt aan de Grafische Dagschool in Amsterdam staat Nan toch bijna dagelijks op een kistje achter het zetblok in de drukkerij. Verzuimde werkuren haalt hij zaterdags in. Op zijn werk verkoopt Nan opnieuw via lootjes zijn tekeningen en schilderijen. Herman Masereeuw, de directeur van De Vooruitgang waardeert de creativiteit van zijn jonge arbeider zo dat hij hem een schilderskist geeft. Via de zetterij komt Nan in 1928 op de opmaakafdeling terecht. Hij krijgt daar de opmaak van de Notekraker in handen. Zoals hij vroeger zijn vondsten uitstalde, rangschikt hij nu letters en afbeeldingen tot een evenwichtige bladspiegel, vanaf 1929 bij de Arbeiderspers, toen De Vooruitgang in dit bedrijf opging. In 1932 krijgt Nan Platvoet erkenning als kunstenaar, als hij voor de kunstwerken die hij in zijn vrije tijd maakt prijzen ontvangt die zijn uitgeloofd door de papiergroothandel Bührmann.
In 1933 huwt hij met Janna Waal en drie jaar later wordt hun zoon Nan geboren. Zij verhuizen naar Ilpendam, een dorp iets ten noorden van Amsterdam. In 1938 neemt Platvoet werk aan als docent typografie bij de avondopleiding van de
Amsterdamse Grafische School. Hij is dan een van de toonaangevende grafici rond de uitgeverij De Arbeiderspers. Fré Cohen – zij is in de jaren dertig van de vorige eeuw belast met de vormgeving van al de publicaties van de gemeente Amsterdam – werkt ook voor de Arbeiderspers. Haar ontwerpen sluiten nauw aan bij de expressionistische Amsterdamse Schoolstijl. De eerste grafische ontwerpen van Nan Platvoet volgen deze expressionistische trends en hij werkt ook vaak samen met Fré

Cohen. In het voorjaar van 1940 ontwerpen ze grote tentoonstellingspanelen voor de expositie ter gelegenheid van het  veertigjarige bestaan van het dagblad Het Volk. 

In 1943 zegt Nan zowel zijn betrekking bij de Arbeiderspers als zijn docentschap aan de Grafische School op en begint voor zichzelf.
Hij vestigt zich als zelfstandig graficus aan de Houtmankade in Amsterdam. De Arbeiderspers is voor hem meteen een belangrijke opdrachtgever. In 1945 ontwerpt hij voor dit bedrijf de kop van de nieuwe krant Het Vrije Volk. Veel opdrachten krijgt hij ook van de belangrijke Amsterdamse kwaliteitsdrukkerij C A Spin & Zoon. Hij verzorgt voor hen o.a. de opmaak van De Blauwe Wimpel, een tijdschrift voor alcoholbestrijding en illustreert de bundel vertaalde gedichten “Zeekoorts” van John Masefield (vertaling Max Schachart). Vanaf
1949 maakt Spin & Zoon het tijdschrift International Lighting Review (ILR), een uitgave waarmee het Eindhovense Philips haar nieuwste verlichtingsartikelen internationaal onder de aandacht wilde brengen. Voor de inhoud van het tijdschrift tekent ingenieur verlichtingstechnieken Johan Jansen. Piet van Zijl, in 1951 directeur van Spin & Zoon, zoekt nog naar een vormgever die de hoge pretenties van het tijdschrift zou kunnen waar maken. Hij benadert uiteindelijk Platvoet voor de opmaak van ILR. Het klikt tussen Jansen en Platvoet en de samenwerking van technische kennis en creativiteit blijkt een succes. Tussen beiden mannen ontstaat zelfs een vriendschap voor het leven. Nan Platvoet zal de opmaak van ILR tot aan zijn pensioen in 1970 blijven verzorgen. De indrukwekkende projecten die Johan Jansen onder handen krijgt, zoals de verlichting van het vernieuwde Rijksmuseum in Amsterdam en de belichting van de Akropolis in Athene, inspireren Nan Platvoet tot heel bijzondere covers.
In de naoorlogse jaren vijftig werkt Nan Platvoet regelmatig in opdracht van Nederlandse bedrijven, die nieuwe producten op de markt brengen en de uitstraling van het dagelijkse leven veranderen. Hij ontwerpt advertenties, productcatalogi en logo’s voor onder meer de Helmondse Textiel Maatschappij (HTM), de behangfabriek Rath en Doodeheefver, de linoleumfabriek Frobo, Raak Lichtproducten, Sikkens Verven en Gilde
- en De Ploegstoffen. In 1956 besluiten de jongen binnenhuisarchitecten van deze bedrijven om een interieurtijdschrift uit te geven onder de naam Visie. In het tijdschrift etaleren architecten hun visie op de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van binnenhuisarchitectuur. Voor de betrokken bedrijven is het tijdschrift een extra communicatiemiddel om hun moderne producten te promoten. Ook Visie wordt gedrukt bij Spin & Zoon en vanwege de goede ervaringen krijgt Nan Platvoet ook de vormgeving van dit blad in handen. De ontwerpen van Nan worden in de jaren vijftig lichter van toon en Visie krijgt daardoor een geheel eigen uitstraling. Ook dit tijdschrift blijft hij bedienen tot aan zijn pensionering. In zijn vrije tijd blijft Platvoet veel tekenen en experimenteren met handdruktechnieken. In 1957 exposeert hij voor het eerst solo in de tentoonstellingsruimte van de papiergroothandel Bührmann in Amsterdam.
Hoewel hij voor zijn werk in de grote stad moet zijn, houdt Nan niet van het stadsgewoel. Hij woont liever buitenaf. In 1957 verhuist hij daarom van Ilperdam naar Blaricum. Maar het leven in de randstad blijft hem te hectisch. Voor de ontwikkeling van zijn creativiteit heeft hij nog meer rust en ruimte nodig. In 1961 vindt hij dat in Friesland. In Oldeholtpade, nabij Heerenveen, vindt
hij een oude boerderij waar hij een ideale werkplek kan inrichten. Hier ontmoet hij ook schilder Piet Bokelaar en de keramiste Hannie Mein. De drie kunstenaars worden goede vrienden. Onder de naam De Open Stal organiseert Nan Platvoet met zijn kunstenaarsvrienden jaarlijks een kunsttentoonstelling in Oldeberkoop.
Eind jaren zestig tobt Nan Platvoet met zijn gezondheid, die langzaam achteruit gaat en in 1970 krijgt hij een hartaanval. Om die reden verhuist hij naar het oude turfdorp De Knipe, dat beter bereikbaar is. Hij is nu gepensioneerd en wijdt zich nu geheel aan het maken van handdrukken. Hij stempelt met alle voorwerpen uit
zijn grafische werkplaats: decoratieve clichés, opmerkelijke letters, inktrollen, enz. Hij experimenteert met drukinktkleuren en gebruikt bijvoorbeeld zelfs sap van eikels en rode bieten. Met schaar en lijmpot stelt hij gefantaseerde beelden samen en laat zich nog nauwelijks beperken door gevestigde kunstopvattingen. In deze jaren maakt hij meer dan honderd handdrukken. De afbeeldingen vertellen vaak het verhaal van de vergankelijkheid van het bestaan en doen sterk denken aan nagelaten sporen van het leven. Nan exposeert zijn werk regelmatig in De Lawei, het theater in Drachten. Bezoekers en artiesten zijn onder de indruk van zijn poëtisch verhalende beelden en kopen zijn werk.
In 1975 treft hem een hartaanval, dit keer fataal. Nan Platvoet overlijdt op 29 november 1975, 65 jaar oud, in De Knipe en is begraven op een natuurbegraafplaats vlak achter zijn vroegere woning in Oldeholtpade. Niemand weet dan nog dat hij als laatste gewerkt heeft aan een unieke reeks handdrukken. Na zijn dood vindt zijn vrouw de bijzondere serie Adam en Eva, bestaande uit 22 afbeeldingen. Op deze handdrukken, waarin al zijn technieken lijken te zijn verenigd, schets Nan Platvoet zijn scheppingsverhaal op geheel persoonlijke wijze. Het is het verhaal over ontstaan en versterven van leven. De reeks behoort volgens kunsthistorica Drs. Lies Netel
tot de fraaiste handdrukken uit de Nederlandse kunstgeschiedenis.

(Bron: Het werk van graficus Nan Platvoet 1909-1975, door Lies Netel van het Het Museum Henriette Polak in Zutphen, uitgegeven in 2005 door de Stichting Handdrukken Nan Platvoet).

Janna Waal overlijdt in 1990 en is begraven in Oldeholtpade.
De Stichting Handdrukken van Nan Platvoet is gevestigd in Weesp en de werken van NanPlatvoet zijn ondergebracht bij het Museum Henriette Polak in Zutphen.
Vanaf 1 november 2005 t/m 15 januari 2006 is daar een tentoonstelling te zien van zijn handdrukken en typografie.

(info 0575 51 68 78).

 

 

 

Nan Platvoet

zijn visitekaartje uit 1943,

een goed voorbeeld van zijn typografisch talent


Een greep uit het oeuvre van Nan Platvoet

Tekstvak: Tekstvak:

1961

olieverfschilderij

30 x 35 cm

(collectie A Platvoet)

33

34

35

36

37

38

39

41

43

44

46

42

45

40