Taalkundige betekenis van ‘platvoet’

Uiteraard zijn er ook taalkundige betekenissen voor de naam Platvoet. Huidige woordenboeken geven niet meer zoveel informatie, maar in het 'Woordenboek der Nederlandsche Taal', deel 12, uit 1931, is nog een uitgebreide uitleg van het woord 'platvoet' aangetroffen.

 

Platvoet:

1. Een platte, brede voet

a)   In 't algemeen: met zijn platvoeten maakte hij breede sporen in den weeken grond.
Ook in eene andere toepassinge. Op zijn platvoeten loopen (eigenlijk: op den platten voet lopen), schertsend voor: loopen. Vergelijk het werkwoord Platvoeten.'Ik heb al een uur op mijn platvoeten geloopen, zonder dat ik iemand heb ontmoet, Die my het huis van O. heit kunnen toonen!' (Langendijk).

b)   In de geneeskunde: een voet die van onderen plat is, omdat door verzwakking der pezen de normale welving van den voet verminderd of verdwenen is, waardoor bij het loopen de geheele zool plat neergezet wordt. De uitholling aan de binnenzijde van de voetzool is verdwenen, er heeft zich een Platvoet gevormd. 'De oude heer heeft platvoeten' (Busken Huet).

      Ook als naam van een gebrek bij paarden. Zie het citaat: 'De Platvoet, zoo genaamd, omdat de voet plat en breed voorwaarts uitloopt, waarmede de Hoorn dan, zelfs van de kroon af, platagtig nederglooit. Een gebrek, dat.....dikwijls gevonden word by Paarden, die veel in 't zand loopen en arbeiden', (Berkhey).

c)   De voet in de breedte genomen, een voetbreedte. Gewestelijk (b.v. in Deventer) als maat, bij het haasje-over springen. 'De jongen, die staat, mag als allen gesprongen hebben 'n vt (voetlengte) en 'n platvt verder gaan staan', (Draaier).

 

2. Iemand die platte voeten heeft.

a)   Van personen. Iemand met platte of breede voeten. Plat-voet, plat-voetigh. Planipes & Plautus, Placus. 'Platvoet. Een die groote voeten heeft', (Halma).

b)   Ook met betrekking tot dieren. (Alle) water-vogels zijn platvoeten, (Comenius).

c)   Figuurlijk. In toepassing op een lomperd, een botterik. Verouderd. Hy is een regte platvoet. C'est un vrai pied-plat, un gros boeuf, un cheval de carosse, un maroufle, (Halma). 't Is een platvoet, een loeris, een plompe vent. C'est un pied-plat, un bouvier, (Marin)

d)   Een liefhebber van de Haagsche Mercurius, voor wie te Londen een stuk gecomponeerd werd tegens de jakhalzen en platvoeten, zullende de naam voeren van Scandalum Magnatum, begaan om dat sommige heerschzugtige niet kunnen gedoogen dat de Mercuriale aanmaningen de gehoorzaamheid aan de Hoog-Overigheid zoo sterk recommanderen, (Doedyns).

e)   Gewestelijk (b.v. te Gent) ook: laffe vleier (Schuerm, bijv.).

 

3. Als scheepsterm.

        Benaming voor de vooravondwacht aan boord. De dag kent de 8 wachten: hondewacht, dagwacht, voormiddag, achtermiddag, 1e platvoet (vanaf 16.00 uur), 2e platvoet (vanaf 18.00 uur), eerstewacht, hondewacht.
Ook in 't Hoogduitsch, plattfuss, in 't Deensch Platfoden. De platvoeten zijn de gemakkelijkste der scheepswachten en zal wel genoemd zijn naar het platvoeten, het heen en weer loopen, dat men daarbij doet.
Platvoet. Een Zeemanswoord. Premier quart qui se fait a' la chandelle sur un vaisseau, (Halma). Platvoet te scheep, de eerste wagt by de kaers, (Marin). De Platvoet heeft een end, en stuur-mans volk de wagt, (Selds. Walvisv). 'In de platvoet zagen
wij een opperhoofd....aan het strand zitten', (Gids 1903). De korvet.....maakte in de "platvoet" klarigheid om onder zeil te gaan doch toen wij met zonsondergang enz.

 

4. Als benaming van planten.

a)   Als volksnaam voor: groote weegbree. Plantago major L. (Heukels). Bij vergelijking van den breede bladeren met den vorm van een platten voet.

b)   Als volksnaam voor: knoopige duizendpoot (Polygonum nodosum L) voor: perzikkruid (Polygonum Persicaria L), en voor: viltige duizendknoop (Polygonum tomentosum (Heukels). Ook roodbeen en roodpoot geheten.

 

5. Afleidingen:

        platvoeten, platvoetig, platvoets.

 

6. Samenstellingen:

a)   platvoetei:        hoop koeiendrek in het veld;

b)   platvoetspin:    schimpend voor: Menschelijke spin met betrekking tot ketters (Alzoo doen onse platvoet-spinnen, oock somtijts mirakel, en wonderdinghen, David);

c)   platvoetwacht:  hetzelfde als platvoet in betekenis 3. (Platvoetwacht, Wacht aan boord van 4 tot 8 uur 's avonds', (v. Lennnep); 'Bij 't begin van de platvoetwacht kwam Snoek, die vrind was met Vis, nog eens bij den schipper', (Pim Pernel);

d)   platvoetzool:     losse zool ten behoeve van personen met platvoeten ('Platvoet- en steunzolen'.

 

Tot zover dit woordenboek. Het citaat is niet voor 100% letterlijk overgenomen, hier en daar is de tekst iets aangepast om het beter leesbaar te maken.

 

7. Platypus

In 1799 werd het vogelbekdier voor het eerst beschreven door een Britse wetenschapper, Dr. George Shaw. Zijn eerste reactie was dat het een met zorg uitgewerkte grap was. Hij dacht dat de snavel aan het lichaam was vastgenaaid en probeerde met een schaar de steken los te maken. Hij ontdekte dat dit toch een echt uniek dier was en noemde het dier Platypus, wat “platvoet” betekent. Toen bleek dat de groep kernhoutkevers de naam Platypus al had, heeft men als officiële naam Ornithorhynchus anatinus genomen, waarbij het eerste woord “vogelachtige snuit” betekent. Langzaam aan kwam toch de verbannen naam Platypus weer terug en nu is dit de algemeen geaccepteerde naam voor het dier.

Platypus komt verder nog voor als een fabrikant van waterrugzakken en een Brits tractormerk.

Tekstvak:

Rubrieken:

Herkomst van de naam

3

4

5

6

7

8

9

Tekstvak:

5

 © a platvoet

Tekstvak:
Tekstvak: